Categoriearchief: Natuur en milieu

Wereld & mensheid redden? Makkelijk!! (in 452 woorden)

alleen… we maken het zo complex, dat niemand het nog ziet zitten. Dikke turven over economie, energie, ecologie… Zo ingewikkeld dat het lijkt alsof ze moeten dienen als excuus om niets te ondernemen.
Terwijl het ook bevattelijk in een schema op een half A4’tje kan, of zelfs kernachtig in 1 zin:

De (niet onomstreden) universele behoeften van de mens die Maslow (1943) in een piramide rangschikte zijn een handige leidraad (waar ondertussen 10-tallen versies van bestaan). Duidelijk is in ieder geval dat er basisbehoeften zijn waarzonder we zelfs niet kunnen leven: lucht om te ademen, drinkbaar water, gezond voedsel, slaap, beschutting tegen hitte en uitdroging, of onderkoeling,… Zelfs veiligheid en sociale contacten (vriendschap, liefde) horen nog bij de basics: ook eenzaamheid is dodelijk. (Dodelijker dan roken, of alcohol vb.)

Als we met zijn allen op een aanvaardbare manier willen kunnen leven, moeten we er voor zorgen dat lokaal en globaal aan onze basisbehoeften kan voldaan worden met gezonde (en zeker geen levensbedreigende) ‘producten’.
Dus voor lucht, water, bodem en voedsel geldt dat gebruik, producties en transporten de kwaliteit hiervan niet nadelig mogen beïnvloeden.
Als we al onze processen en manipulaties vooraf hieraan toetsen, ontstaan er geen problemen.

Veel mensen rebelleren omdat ze misbruiken hierin vaststellen: luchtvervuiling en fijnstof, microplastics in veel dranken en voeding, pesticiden in bodem en eten, plastiek van Himalaya tot oceaantrog, peuken, Co2, gele hesjes, statiegeld, Klimaat… Voor geldgewin van 1% van de bevolking verkwanselen we al onze levensnoodzakelijke elementen op aarde. Gelukkig worden greenwash schijnoplossingen die woorden als duurzaam, eco of transitie verkrachten steeds vaker doorprikt

In principe moet ieder product (onderdeel, verpakking) daarom ook terug naar de bron via leverancier en producent (dezelfde wel als bij verkoop – maar omgekeerd), en/of 100% gerecycleerd worden, en/of 100% onschadelijk en biologisch afbreekbaar zijn in iedere normale omgeving en temperatuur, op maximaal 18 maanden.

Je zou denken dat ieder normaal begaafd politicus dit aleemaal al had begrepen sinds het ‘Rapport van de Club van Rome’, nu al zowat 50 (!) jaar gelden!
Maar helaas, hun premies en zitpenningen tonen dat ze kiezen voor GELD en niet voor een lange termijnvisie die het goed van iedereen beoogt.
Zoals mijn ex schoonvader (zaliger) al zei: alles draait om de 3 G’s: Geld, Gat en God.
Maar we hadden moeten kiezen voor Geluk, Gezond en Gemeenschap.

Media en politiek zijn middelen geworden om geld te verdienen. Ze houden zichzelf in stand, zoals ieder ‘levend’ orgaan. Er is dus weinig heil van te verwachten. Alleen bekommernis en waardering voor elkaar kan ons en ons nageslacht redden.

En voor wie het in 1 zin wil lijkt me een slogan van de Zuid-Afrikaanse Ubuntu party een goede leidraad: Wat niet goed is voor iedereen, is niet goed.

Waar zijn de vogels?

‘t Was een prachtige zomer. Maar de nazomer klinkt niet goed. Nog veel warme dagen, dat wel. Maar… ik mis iets. Er ontbreekt hier vogelgezang en gekwetter. In het najaar wordt mijn druivelaar normaal scherp in het oog gehouden door gevederde bendes. Een opening in de netten hebben ze meteen gevonden. Druifjes die er door vallen (honingzoete, kleine pitloze snoepjes), blijven nooit lang op de grond liggen. Dit jaar moet ik ze zelf oprapen om ze aan de kippen te voeren.

Vanmorgen een wandeling gemaakt. Bos, veld, boomgaarden, weiden… Heerlijk rustig. Maar veel te stil. Oké, ik zag eksters, enkele mussen en een koolmees bij de woningen in de buitenwijken. Zelfs een merel, en die jongens hebben het echt wel moeilijk gehad met het Usutuvirus. Deze zomer opnieuw. En ik hoorde kraaien, en een sijsje. En zag enkele Turkse tortels. Maar het was echt veel te stil. Alleen stalen vogels trekken witte strepen door de lucht. Veel.

Het is een prachtige, warme nazomerdag. De thermometer die half in de zon onder de druivelaar toekijkt hoe ik in short en met een zonnehoedje wat letters in mijn notebook ram wijst om half vier hier 27°C aan. (5 oktober) Er ligt overal een overvloed aan fruit in de boomgaarden. De meidoorn, de kastanjes en de noten zijn klaar. Voedsel ligt overal voor het grijpen. Maar vogels zijn er amper te zien. Veel te weinig.

Is dit lokaal? Toevallig? Zit de grote reddingsactie er voor iets tussen? Ik bedoel die waarbij buxuseigenaren regelmatig en overvloedig hun altijd groene, maar nu geelwordende struiken van de buxusmot probeerden te redden? En samen met de vergiftigde rupsen en motten mogelijk ook de vogels drastisch hebben uitgeroeid.?

Zolang ik aan het typen was: niet één vogel gehoord of gezien. En dat is hier echt niet normaal. Ik hoop dat het terug nog wat goed komt. Momenteel kan ik fluiten naar het gefluit.

De lynx is los: scherpe ogen en klauwen

Af en toe moet ik op de website toverleven.cultu.be (i.v.m. zelfvoorziening) wat aanvullingen maken. Het plaatselijke wildbestand had hier tot voor kort een paar uitgestorven soorten niet meer. Bijvoorbeeld de bever, de otter, de wolf. Terug van weggeweest. En ook de lynx.

De lynx (of los)  is het derde grootse roofdier van Europa, na de bruine beer en de wolf. Zo goed als uitgestorven in centraal Europa: het solitair levend dier heeft een territorium nodig van een paar honderd tot 1.000 km² woud, en de zeer dicht behaarde huid was driemaal duurder dan sabelbont… Hij werd dus gretig bejaagd. Na herintroductie (Duitsland..) worden na drie eeuwen in 2004 in België opnieuw lynxen gesignaleerd o.a. in de Hoge Venen.

De woorden lynx en los komen van het Germaanse luhs met een Indo-Germaanse wortel leuk, dat ‘lichten’ betekent en verwijst naar de fonkelende ogen. Via het midden-Hoogduits werd het in het Angelsaksisch lox, noordelijker ‘los’. Ook het Latijnse lynx verwijst via het Griekse lúnx (van het Proto-Indo-European *lewk), naar ‘licht’ in de ogen van de kat, en haar vermogen om in het duister te zien.

Er is een zwakke link met de legende van Lynceus en de Argonauten. Die had bijzondere ogen waardoor hij “op de bodem van de zee en door een muur van vier voet kon kijken”, en zelfs in de toekomst.

De Euraziatische lynx of los (Lynx lynx) is een katachtig roofdier ter grootte van een herdershond en verwant aan de op het Iberisch Schiereiland levende pardellynx (Lynx pardinus).

Lynxen zijn vrij zeldzame en schuwe middelgrote katten met kenmerkende oorpluimen. Ze jagen bij voorkeur vanuit een hinderlaag of bespringen als goede klimmers hun prooi vanaf een tak. Ze jagen vooral op hazen (Lepus), reeën (Capreolus capreolus) en gemzen (Rupicapra rupicapra), knaagdieren en hoendervogels als patrijzen (Perdix perdix) en korhoenders (Lyrurus tetrix).

De lynx eet gemiddeld één kilogram per dag. De prooiresten bedekt hij met vegetatie en grond om ze tot 6 dagen als voorraad te gebruiken.

Naast de tot vier centimeter lang haarpluimen die als antennes op de oorpunten staan zijn bakkebaarden, lange, zware poten, en de gevlekte huid (vooral op de poten) kenmerkend. De staart is kort (11 tot 25 cm) met een zwart puntje. Lynxen zijn goed tegen kou bestand, dankzij de dichte roestbruine tot geelbruine vacht en de haarkussens aan hun voeten. De kop-romplengte ligt bij een volwassen lynx tussen de 80 en 130 cm, de schofthoogte tussen de 60 en de 75 cm, gemiddeld 65 cm. Lynxen wegen 18 tot 25, soms tot 38 kg.

Mannetjes hebben aparte territoria die overlappen met die van de eveneens solitair levende wijfjes. Als hol wordt meestal een rotshol gebruikt, maar ook een dassenburcht of dicht struikgewas.

Na de paartijd van januari tot maart volgt een draagtijd van ongeveer 74 dagen. Tussen de één en de vijf, meestal twee à drie jongen worden in mei of juni geboren. De oogjes gaan na 16 à 17 dagen open. De zoogtijd duurt twee tot vijf maanden. Ze verlaten het nest pas na 4 maanden en blijven ongeveer 12 maanden bij de moeder. Vrouwtjes met jongen hebben slecht eens in de drie jaar een nest. Het mannetje helpt de eerste twee maanden mee met de zorg door voedsel voor de moeder te brengen.

Een mannetje is na ongeveer 30 maanden geslachtsrijp, een vrouwtje na 22 maanden. Een lynx wordt maximaal 20 jaar oud, gemiddeld 15 jaar in het wild en 17 jaar in gevangenschap.