Alle berichten van tOverlevenaar

(Waar) is er nog gezonde lucht?

Iedere vier seconden haal je adem, dus meer dan 20.000 keer per dag, goed voor circa 150 kubieke meter (!) lucht. Gezonde lucht is dus onze eerste levensbehoefte. Je zou denken dat bewuste aardbewoners hier hun belangrijkste prioriteit van maken. Helaas: niets is minder waar. Economische groei en winst bepalen nog steeds de menselijke race (naar de afgrond).

De dunste en onderste laag van de atmosfeer rond onze planeet wordt de troposfeer genoemd. Ze is bij de polen ca. 7 km en bij de evenaar 17 kilometer dik. Hierin situeert zich het weer, en alle leven van ademende dieren en planten.

Droge lucht bevat 78.09% stikstof (N2), 20.94% zuurstof (O2), 0.93% argon (Ar), 0.03% koolstofdioxide (CO2) en nog 7 andere elementen.  Naast een variabele hoeveelheid waterdamp (ca. 1% van het volume) zijn er ook nog niet-gasvormige bestanddelen: aarde, pollen, bacteriën, sporen,… Een vochtigheidsgraad tussen 40% en 60% is ideaal.

Gezonde lucht bevat maximaal 350-1000 ppm (parts per million) kooldioxide, een minimale hoeveelheid stof en biologisch materiaal en een voldoende (minimaal 1000/cm³) negatieve ionen om de lucht schoon te houden. Sinds de industriële revolutie is de concentratie koolstofdioxide in de atmosfeer toegenomen van ongeveer 0,03 vol.-% naar inmiddels meer dan 0,04 vol.-% (ongeveer 401 ppmv).

Industrie, agricultuur, bewoning (verwarming) en transport veroorzaken vervuiling. Kaarten van luchtkwaliteit zijn een doorslag van kaarten van aandoeningen van de luchtwegen (en andere ziekten).

In Nederland veroorzaakt vervuilde lucht jaarlijks 12.000 vroegtijdige overlijdens en 10.000den langdurig zieken. Vaak gaat het om lucht binnenshuis, waar we gemiddeld meer dan 20u/dag zijn, waarvan meer dan de helft in de eigen woning. In België sterven jaarlijks zo’n 10.000 tot 13.000 mensen aan de gevolgen van luchtvervuiling.

Een Europese stedeling heeft één kans op vijf te worden blootgesteld aan luchtvervuiling die (ver) over de EU- limieten gaat. En die liggen al ver boven de limieten van de WHO, de Wereldgezondheidsorganisatie. Voor stikstof: 40 microgram per kubieke meter, bij de WGO is dat 20 µg/m³. (Voor fijnstof dezelfde verhouding!) In 2014 waren concentraties fijnstof verantwoordelijk voor ongeveer 428 000 vroegtijdige sterfgevallen in 41 Europese landen (+-399 000 in de EU).

Luchtvervuiling is 10 keer dodelijker dan verkeersongevallen!

De maatschappelijke kost: gemiddeld 1 gezond levensjaar per Vlaming en 2% van het BBP aan gezondheidskosten.

De gezondste leefplekken vind je dus ver weg van drukte en productie.

De laagste waarde NO2 (10,9 µg/m³) werd gemeten in Remersdaal bij Voeren, de hoogste (75,3 µg/m³!) langs een druk kruispunt in Houthalen-Helchteren. Schiermonnikoog heeft de schoonste lucht van Nederland. Zuid-Spanje (Murcia) is de gezondste regio van Europa. Er worden steeds meer meetstations gebruikt die via diverse websites kunnen opgevolgd worden. Ze meten fijn stof, stikstofdioxide en roet (black carbon).

Lichte fijnstofdeeltjes (PM, particulate matter) kunnen zweven. Sommige zijn zo klein (één dertiende tot één vijfde van de doorsnede van een menselijke haar) dat ze diep in de longen dringen, en net als zuurstof ook in het bloed terechtkomen.

Naast de grovere fractie (van PM10) en fijn stof PM2,5 en PM1 is er ook ultrafijn stof PM0,1. De deeltjes hebben een aerodynamische diameter kleiner dan respectievelijk 10, 2,5, 1 en 0,1 µm (1µm = 1 miljoenste van een meter of 1 duizendste van een millimeter, de gemiddelde diameter van een menselijk haar is 50-70).

De termen worden niet altijd even consequent gebruikt.

Grove deeltjes komen van opwervelend wegenstof of bandenslijpsel. Kleinere deeltjes komen bij verbranding vrij. Vooral roet en ultrafijnstof (van verbrandingsreacties!) zijn zeer schadelijk voor de gezondheid. Al na 12 weken komt een foetus hiermee in contact!

De Environmental Performance Index vergelijkt hoe landen scoren op milieuzaken. Zwitserland staat op 1 met 95.5 punten. Daarna volgen Costa Rica (90.5), Nieuw-Zeeland (88.9), Japan (84.5), Australië (79) en Mauritius (78.1).

Luchtvervuiling kan longziekten als astma, longkanker en COPD veroorzaken en verergeren. Ze kent geen grenzen, je kan ziekmakers nergens vermijden. Verspreidingsverhalen zijn gekend en gedocumenteerd i.v.m. DDT in pooldieren, microplastics van de hoogste bergen tot diepte oceaantroggen. Saharastof uit Marokko, Algerije en Tunesië (april 2019) dat hier als bloedregen of wonderregen auto’s en wasgoed kleurt. Of vulkaanstof dat vliegverkeer hindert. Asbestvezels… Er belandt elk jaar meer dan honderd miljoen ton Sahara-zand in de Atlantische Oceaan. Het kan stijgen tot aan de Saharan Air Layer (5 à 7 kilometer hoogte) en dan de oceaan oversteken (4.400 kilometer met snelheden tot 90 km/u). Meestal gaat het om stof van een paar micrometer groot. Maar een combinatie van warme lucht, turbulentie, convectie en elektrische lading kan kwartskorrels van een halve millimeter groot tot Barbados brengen. Rook van branden in Afrika en Sahara stof zijn de belangrijkste (fosfor) bemester van het Amazonebekken en de tropische Atlantische Oceaan. Zo’n 12 procent van het stof uit de Sahara komt in onze contreien terecht. Er kunnen passagiers meereizen. In de jaren tachtig was er in Groot-Brittannië een uitbraak van mond-en-klauwzeer. Het virus was ook met het Saharastof meegewaaid.

Glyfosaat wordt teruggevonden in bv. bier, moedermelk, ijs van Ben & Jerry’s, oppervlaktewateren en urine, wat op een alomtegenwoordigheid van deze veel gebruikte stof lijkt te wijzen, ook in producten (van akkers of gaarden) die niét werden gesproeid.

Voor het gebruik van ‘gewasbeschermingsmiddelen’ zijn er basisregels (nl). Rondom het terrein moeten er windsingel, emissieschermen of vanggewassen in een teeltvrije zone staan. Voor driftreductie moeten ook aangepaste spuitdoppen en afstanden gehanteerd worden. Er mogen geen woningen gebouwd worden binnen 50 meter van een spuitzone. Bij fruitteelt met zijdelings en opwaarts spuiten zullen deze maatregelen onvoldoende zijn.

Je kan er nergens voor vluchten… Gezonde lucht moet een wereldomvattende bekommernis worden. Van sjoemelsoftware naar ‘zero emissie’- transport. Ook opwaaiende bodemstof en ammoniakemissies van de landbouw, en industriële ontginning en productie  zijn een belangrijke bron van fijn stof. Maar ook houtkachels en vuurwerk. Net nog ongezonder dan ademen, is stoppen met ademen.

Hoe wordt ik schrijver? 10

Helaas twijfel ik aan mijn kwaliteiten als humorist. Ik moet weliswaar zelf altijd hartelijk lachen om mijn eigen grappen, vooral om die die ik zelf leuk vind, en dat is heus niet enkel uit beleefdheid hoor, maar ik weet niet of mijn publiek mijn grapjes wel als dusdanig zou herkennen en waarderen. En niets lijkt me zo beschamend als voor een eerder dom publiek in je eentje te staan lachen met de grappen die je zelf al zeven keer verteld en gehoord hebt.

Op deze plaats in dit schrijfsel, mijn lieve lezer, bekruipt mij het onweerstaanbare verlangen. Om iets over de achterflap van dit boek te schrijven. Helaas, het zal zelfs voor U duidelijk wezen, dat een dergelijk verlangen in dit stadium van wording volslagen onmogelijk is. Bij gebrek aan achterflap. U zal geneigd zijn nu verwonderd naar de achterzijde van dit boek te kijken, en inderdaad: er is toch een achterflap! Laat ons duidelijk zijn, lezer. Deze flap is er wél, op het ogenblik dat U dit leest, maar was er nog niet, op de frisse dinsdagochtend, toen ik, zonder kousen en ongekamd, dit literaire spinsel ten behoeve van de naïeve lezer aan mijn tekstverwerker toevertrouwde. Ik zou het trouwens niemand anders durven toevertrouwen. Ik schaam me diep, als ooit iemand dit zou lezen. Anderzijds, moest er nooit iemand de vrucht van mijn schrijverschap proeven, dan zou ik me als schrijver doodschamen ooit zoiets geschreven te hebben. Dank dus, beste lezer, voor het welwillend volharden bij het doorlezen -het zal op zijn minst al wat oppervlakkiger gebeuren nu, geef het maar toe- van dit boek.

U merkt ondertussen zeer zeker dat ik over alle kwaliteiten van een uitermate gefrustreerd schrijver beschik. Ik denk dat ik het nog ver zal schoppen. (Wat er in dit geval met ‘ik’ en ‘het'” bedoeld wordt, weet ik niet. Mogelijk moet dit hier ‘men’ en ‘me'” zijn.) U merkt dat mijn taalgebruik absoluut ongeschikt is om me in het gewone, dagdagelijkse leven te handhaven. Niemand gebruikt ooit zulke vreemde woorden en ongepaste zinsconstructies. Moest ik samen met U mijn tijd verdoen met het staan wachten op de tram, en zou ik U daarbij op een gelijkaardige wijze te woord staan, dan zou U in een verschrikkelijke lachbui uitbarsten. Gelukkig zijn er maar heel weinig trams. Een dergelijk woordgebruik is dus uitsluitend het voorrecht van een voldoende gefrustreerd schrijfer.

Waarom ik dan gedreven word om iets over de achterflap van dit boek te schrijven? Om eerlijk te zijn, lieve lezer, (waarmee ik meteen al probeer om een beetje intiem te worden) schrijf ik dit boek met de intentie om een Bekend Persoon te worden. Daar staat U allicht van te kijken. Nu besef ik ook wel dat men om een Bekend Persoon te worden minsten drie maal (3 X) op TV te zien geweest moet kunnen zijn. (Vijf werkwoorden achter elkaar, geef toe, dit getuigd van vakmanschap. Vooral omdat deze zin nog perfect leesbaar blijft. Zelfs schrijfbaar.

Wat het begrijpen ervan betreft, kan ik als schrijver natuurlijk geen enkele verantwoordelijkheid op me nemen aangaande de geestelijke vermogens van de lezer.) Beter nog is het om bij het medium TV geregeld in het nieuws te komen. Al was het maar om het nieuws te lezen. Aangezien ik nooit een aanbod gekregen heb om een Tv-spel, of zelfs maar om het even wat, te presenteren, heb ik mij op het schrijven geworpen. Ik leg me erbij neer, dat ik hierbij mijn knie bezeerd heb. Om een Bekend Persoon te worden, is het natuurlijk op de eerste plaats nodig om op straat herkend te worden. Wel is het mij al twee maal overkomen dat een kind me in de Carrefour als Urbanus Van Anus herkende. Ik wil er de nadruk op leggen dat dit volkomen foutief is. Ik ben Urbanus Van Anus niet, en ik zou dus ook liever niet als Urbanus Van Anus herkend worden.

Hoe wordt ik schrijver? 9

Ik ben bij het opstellen van mijn classificatie tot de in het geheel niet verrassende vaststelling gekomen dat de meeste boeken over meer dan één onderwerp handelen.

Geweld & Liefde. Oorlog & Geweld. Oorlog & Vrede.

Spanning & Avontuur. Kwik & Flupke.

Een  gegarandeerd  succes zal  dus  zeker  meerdere onderwerpen moeten behelzen, bijvoorbeeld: een geweldig liefdesavontuur in een wrede oorlog. Daar zit dan zowat alles in. Tenzij je voor de held en zijn geliefde vamp andere namen kiest dan Kwik & Flupke.

Ondertussen, beste lezer, ben ik er van overtuigd geraakt, dat, indien U dit boek nog steeds niet terzijde hebt gelegd, met andere woorden, indien U nog steeds in dit boek aan het lezen bent (want dat is niet hetzelfde, U kan er ook muggen mee doodmeppen!), dat U dan, en niemand anders, recht hebt op de Nobelprijs literatuur. En zelfs op eender welke literaire prijs. Want enkel iemand die welhaast zijn leven veil heeft voor de literatuur, kan zich zo ver boven dit schrijfsel verheffen, dat hij tot bladzijde vijftien geraakt. En dat is precies waar U nu bent. (Of zou moeten zijn).

Wat nu betreft het doodmeppen van de muggen, kan U het boek best ongeveer in de helft open. Lees aandachtig zowel de linker als de rechter bladzijde. Nu het nog kan. Bijvoorbeeld bladzijde 73 en bladzijde 74. Spreid daarna Uw beide handpalmen onder het geopende boek, en tracht omzichtig de mug te besluipen. Met een klap klapt U nu het boek dicht, uiteraard met de mug ertussen. Die is dan uitgeschakeld. Dit is een staaltje van verpletterende, zelfs dodelijke literatuur. U bent nu een moordenaar. Als alles naar wens is verlopen, kan U de mug terugvinden tussen bladzijde 72 en bladzijde 75. Gelukkig had U dit eerst aandachtig gelezen.

Toch?

Maar terug naar het onderwerp. Vooreerst de historische roman. Hebt U nooit een boek gelezen waarin de held van het verhaal, gehuld in wolvenvachten, manhaftige pogingen doet om met behulp van houten stokken of stenen een vuur aan te leggen? Om het daarna te aanbidden, of vloekend zijn vingers te verbranden. Of het avondmaal te bereiden dat hij nog moet vangen. Of gewoon om zijn grot, hut of spelonk te verwarmen. Je zou voor minder de centrale verwarming uitvinden.

In het beste geval komt er een geweldige en gewelddadige vrouwenroof in het verhaal voor, waarbij de held bij de naburige stam zijn teerbeminde mag gaan ontvoeren, en haar als een volleerde Tarzan meesleept naar zijn hol. Maar nu zit ik weer op mijn stokpaardje. Dat laat ik eigenlijk liever aan een ander over.

Ik heb, beste lezer, eens met het idee rondgelopen om eens een humoristisch boek te schrijven. Liever nog zou ik met een goed cabaretstuk zelf, in hoogst eigen persoon, op de bühne gaan staan. Want eigenlijk heb ik, diep in mijn hart, de grootste bewondering voor zulke humoristen. Ondanks het feit dat ik er toch wel mee moet lachen.