Hoe wordt ik schrijver? (06)

De draad.

Hoe wordt ik uitgever? Op deze bladzijde!

Het spijt me. Ik heb het niet meer gehaald. Op mijn tekstverwerker springt de bladzijdenummering naar het cijfer tien. Indien U dit erg storend vindt, kan U dit antwoord uitknippen en op de vorige pagina plakken. Laat ik duidelijk zijn: dit geldt enkel indien U zélf, en voor Uzelf, dit boek gekocht hebt. Ik persoonlijk heb een hartsgrondige hekel aan mensen die prenten knippen uit de boeken van de bibliotheek, vooral dan uit die boeken die ik nog niet gelezen heb. Ik vind dit gedrag welhaast even ergerlijk als het aantekeningen maken of onderlijnen in deze boeken. Meestal wordt dit -voor naslagwerken- weliswaar maar enkele bladzijden volgehouden, (deze boeken worden namelijk, in tegenstelling tot onderhavig stuk, enkel door intelligente mensen volledig uitgelezen), maar toch getuigt dit van zeer slechte smaak, en van beperkte intellectuele vermogens. Het weze gezegd. Geschreven.

Ik zal mij haasten om tenminste nog binnen het bestek van deze bladzij mijn gedane belofte in te lossen.

Antwoord: Men wordt uitgever uit pure frustratie.

Hoezo? Zal U zeggen. (Doet U maar).

Inderdaad, U heeft deze vraag terecht gesteld. Dit antwoord is inderdaad hetzelfde als HET antwoord. Maaaar:  het dient anders geïnterpreteerd te worden!

Een uitgever is namelijk niets anders dan een gefrustreerde schrijver! Iemand die uit pure frustratie een gans boek volgeschreven heeft, maar er nooit een uitgever voor heeft kunnen vinden. Aan de traagheid waarmee U deze letters leest, kan ik wel merken dat deze uiteenzetting Uw logisch redeneervermogen zwaar heeft aangetast. Als U dacht dat U, behalve schrijver, eventueel ook nog uitgever zou kunnen worden, is het niet uitgesloten dat U nog een DERDE frustratie wacht.

Om uitgever te worden moet U namelijk over enig kapitaal beschikken. Dat is een van de redenen waarom ik nooit uitgever ben geworden.

Als ik merk dat ik, om een een beetje behoorlijk boek op de markt te kunnen brengen met hetgeen ik tot nu toe heb neergeschreven, nog ongeveer tien maal zoveel zou moeten schrijven als ik nu reeds gedaan heb, dan begin ik er ernstig aan te twijfelen of de rest van dit boek ook nog wel grappig zal kunnen zijn. In ieder geval kan ik nog een reserveparagraaf, die ik eigenlijk twee uur geleden op bladzijde vijf had getikt, hier aan toevoegen. (De voordelen van en tekstverwerker!) Dat wordt dus de onderstaande paragraaf. En daarna ga ik even wandelen. En dan aan het ‘mijnboek’ verder schrijven. Hier komt ie dan, veel genoegen ermee:

Proces Verbaal voor vrijwilligerswerk

Merci, Hasseltse polies & parket

Ik was haastig aan het opruimen op ons jaarlijkse Geefpleintje aan Vanveldeke in Hasselt. December 2018. Mijn autoke na afloop zo dicht mogelijk bij het pleintje gezet om alles terug in te laden. Weliswaar op de stoep. Eventjes. En voor de zekerheid een opvallend geel briefje achter de voorruit en de ruitenwisser achteraan gestoken: Laden & Lossen, Geefpleintje, en mijn telefoonnummer.

‘t Was een geslaagde editie. Met warme kleding, koffie, gebak, soep, speelgoed, muziek… En mijn tuinkachel die voor wat Kerst-achtige warmte moest zorgen.

Tijdens het opruimen komt Heidi aangefietst: “Hugo, er staat ene flik bij uwen auto. Ze zijn u aan ‘t opschrijven!” Dus ik laat alles vallen, en haast me naar de hoek. Waar ik nog net een fluo-oranje ordehandhaver op zijn witblauwe motor zie wegrijden.

Er zit niets achter de ruitenwisser. Die zal toch dat briefje wel gelezen hebben? Die zal toch op die tijd geen PV opgemaakt hebben? Afwachten…?

Maar het was er wel. Snel. 116€!

Dus ik protesteer, en leg de zaak uit.

Hoor niets meer. Een paar maanden.

En vandaag in de bus:

Betwisting niet aanvaard

U moet de boete betalen

(Jawel, in vette letters.)

Vrijwilligerswerk. Sociaal bezig zijn. Ook voor de minstbedeelden en daklozen. Je steekt er je tijd in. Maakt er kosten voor. Maar de politie, ten dienste van de gemeenschap (toch?) heeft ander prioriteiten…

Toch wel wrang als de kranten vol staan, over fraudeurs die onbestraft blijven, geweldplegers die na verhoor meteen weer vrij zijn, criminaliteit die straffeloos verjaart, belastingontduikers die vieren dat en weer miljoenen veilig weggesluisd zijn…

Het lijkt me dat er dan toch, ook bij overheid, politie en justitie, verkeerde accenten worden gelegd. Beboeten doe je toch om fout gedrag te corrigeren? Wat voor samenleving willen jullie dan? Eentje van schaamteloze profiteurs?

Ik weet niet aan wie de sloganschrijver dacht toe hij het woordje UW gebruikte.

De politie, uw vriend…

Zaaien of planten ?

“Wanneer kan ik mijn zaadjes gaan planten?” Een ergerlijke vraag die ieder voorjaar vaak op sociale media ‘in de groep gegooid’ wordt.

Zaadjes plant je niet, die zaai je. Zaaien is het in de grond brengen van zaad. Fijn zaad wordt gemengd met zand of een andere vulstof voor een betere verdelen van het zaad. Je kan droog zaad of voorgekiemd zaad gebruiken: dit heeft dan een nachtje in water geweekt.

Zaaien kan met de machine of met de hand, breedwerpig of op rijtjes.

Poten is het in de grond stoppen van (kiemende) (poot)aardappelen (of pootgoed).

Poten wordt ook al eens voor andere knollen en wortelen gebruikt, en soms zelfs (m.i. onterecht) voor planten.

Ga je plantjes die worteltjes en een stengel hebben in de grond zetten, dan heet dat planten.

Uitplanten (of (ver)spenen) doe je als je jonge zaailingen in vollere grond zet.

Bij verspenen worden jonge, dicht op elkaar staande kiemplanten in potjes of op voldoende onderlinge afstand in volle grond gezet. Meestal gebeurt dit als de eerste twee ware bladeren, dit zijn de eerste blaadjes na de kiemblaadjes, tevoorschijn zijn gekomen.

Bij grotere zaden wordt onterecht soms over ‘planten’ gesproken. Bonen en erwten zaaien we. Uien en look planten we (tenzij je de zaadjes zaait!).

Aardbeienstruikjes (bewortelde uitlopers) worden geplant. Maar je kan ook de zaadjes van de vrucht lospeuteren en die zaaien.

Aardappelknollen worden gepoot. Als je zaad uit de bessen op de aardappelstruik haalt, kan je aardappelen ook zaaien. Je krijgt dan andere nakomelingen dan uit knollen, misschien zelfs een nieuw ras.

(En stekken doe je als je een houtig takje van een struik in de grond steekt om het te laten bewortelen.)