Categoriearchief: Tuin

Houtas in de groentetuin of op de composthoop?

De vroegste vormen van landbouw en ‘bemesting’ maakten al gebruik van brandcultuur of vuurcultuur.

Verbranding van zuiver hout (ook houtpellets) verbruikt alle organische stof zodat er alleen snel opneembare mineralen overblijven.  De samenstelling van as is afhankelijk van de gestookte houtsoort(en). Als doorsnee houtas in tuincentra zou worden verkocht, zou op de verpakking een NPK waarde – N (stikstof) P (fosfor) K (kalium) – van 0-1-3 staan.

Voorkomende elementen zijn met benaderen aandeel: calcium: 20 tot 53%, fosfor: 1 tot 7%, silicium: 14%, kalium: 6 tot 20%, magnesium: 1 tot 5%, zwavel: 2% en sporenelementen zoals koper, zink, ijzer,…

Stook zuiver, droog hout, met voldoende luchtaanvoer om een hoge temperatuur en een volledige verbranding te krijgen. Dan bevatten rook en houtas zo weinig mogelijk dioxines!

Op de composthoop versnelt houtas de initiële fasen van het composteringsproces, maar verhoogt ook de ammoniakemissie tijdens de compostering. Hierdoor vertraagt het composteringsproces weer, veel stikstof vervliegt dan als ammoniak en veel van je humus verdwijnt als CO2. Gebruik het met mate, in dunne laagjes. Gebruik het liever op de bodem, en niet samen met compost.

In voorjaar en groeiseizoen kan je maximaal 100 gram per m² strooien bij ongeveer alle groenten. Dat is een dun laagje stof op de grond.  Een halve emmer bevat ca. 2 kg as. Houtas is heel licht en gaat gemakkelijk vliegen. Strooi voorzichtig en laag bij de grond (zoals op  een strooiweide bij het kerkhof 😊).

Strooi niet in het winterse stookseizoen. Kalium is volledig in water oplosbaar en spoelt snel uit.

Strooi ook niet op de planten. De aanwezige loog en zouten kunnen ze verbranden.

Kalk in houtas verhoogt de Ph waarde van de grond. Heb je een Ph van 6.5 tot 7 of hoger, gebruik dan weinig houtas in je moestuin. Beter niet bij zuur minnende planten als azalea’s, blauwe bes, veenbes, aardappelen en rabarber. 

Houtas is een probaat middel tegen knolvoet bij koolsoorten.

En een natuurlijke afschrikmiddel tegen slakken zolang de zouten niet opgelost zijn door dauw of neerslag.

Andere toepassingen

  • Kippen nemen heel graag een zandbad of stofbad. Diatomeeënaarde wordt gebruikt tegen o.a. vogelluis. Scherpe elementjes kwetsen het ongedierte zodat het sterft door uitdroging. Om die reden strooi ik ook houtas in het kippenhok.
  • Houtas bevat kaliumcarbonaat en is daarmee milieuvriendelijker dan op chloride gebaseerde zouten. Het kan helpen ijs en sneeuw te smelten (zwart neemt ook zonnewarmte op) en gladheid op looppaden te bestrijden.
  • Het beste en goedkoopste middel om zwart geworden kachelglas te poetsen: een prop vochtig krantenpapier in de assen doppen, en poetsen maar. Ook efficiënt voor zwartgeblakerde ketels. (Je kan met loog of assen ook zeep maken).

Zaaien of planten ?

“Wanneer kan ik mijn zaadjes gaan planten?” Een ergerlijke vraag die ieder voorjaar vaak op sociale media ‘in de groep gegooid’ wordt.

Zaadjes plant je niet, die zaai je. Zaaien is het in de grond brengen van zaad. Fijn zaad wordt gemengd met zand of een andere vulstof voor een betere verdelen van het zaad. Je kan droog zaad of voorgekiemd zaad gebruiken: dit heeft dan een nachtje in water geweekt.

Zaaien kan met de machine of met de hand, breedwerpig of op rijtjes.

Poten is het in de grond stoppen van (kiemende) (poot)aardappelen (of pootgoed).

Poten wordt ook al eens voor andere knollen en wortelen gebruikt, en soms zelfs (m.i. onterecht) voor planten.

Ga je plantjes die worteltjes en een stengel hebben in de grond zetten, dan heet dat planten.

Uitplanten (of (ver)spenen) doe je als je jonge zaailingen in vollere grond zet.

Bij verspenen worden jonge, dicht op elkaar staande kiemplanten in potjes of op voldoende onderlinge afstand in volle grond gezet. Meestal gebeurt dit als de eerste twee ware bladeren, dit zijn de eerste blaadjes na de kiemblaadjes, tevoorschijn zijn gekomen.

Bij grotere zaden wordt onterecht soms over ‘planten’ gesproken. Bonen en erwten zaaien we. Uien en look planten we (tenzij je de zaadjes zaait!).

Aardbeienstruikjes (bewortelde uitlopers) worden geplant. Maar je kan ook de zaadjes van de vrucht lospeuteren en die zaaien.

Aardappelknollen worden gepoot. Als je zaad uit de bessen op de aardappelstruik haalt, kan je aardappelen ook zaaien. Je krijgt dan andere nakomelingen dan uit knollen, misschien zelfs een nieuw ras.

(En stekken doe je als je een houtig takje van een struik in de grond steekt om het te laten bewortelen.)

Kersendieven

Met ongeveer een hele maand zonnige zomer in het voorjaar rijpen de kersen al vroeg. Zodra enkele kersen er over denken een beetje rood te kleuren wil het gevogelte uit de buurt al vast beginnen te oogsten. Dat betekent: het rode deel even proeven, en dan aan de volgende kers pikken. Van voedsel verspilling gesproken!

De boom stelselmatig optuigen hielp: CD´s ophangen (bij voorkeur met Nederlandse smartlappen), alu schaaltjes, gekleurde linten, een windorgel, vogelverschrikker…. Ze wennen er snel aan. Dus eerst enkele dingen de boom in. Na 2 dagen weer wat, enz. Helaas blijken ze dat systeempje nu door te hebben.

Als ik 2 dagen na het uitgebreid optuigen de vogelverschikker wil verplaatsen en het windorgel ophangen vliegen er bij mijn aankomst meteen een 5-tal dieven weg. En als ik in mijn handen klap (geen applausje,gewoon 1 knal) nog minstens evenveel. Ze zijn niet te zien of te tellen. Maar in het felle zonlicht zie ik hun schaduwen vliegensvlug over het gras wegzwemmen.

Weg betekent: naar de dichtst bijzijnde eik, om het risico even in te schatten. En daarna 30 meter verder. Ze liggen op vinkenslag. Als collega´s hun portie willen ophalen, verwittigen ze die met een schelle krijs dat de kust niet veilig is. Zodat die doen alsof ze toevallig langskwamen, en met een korte bocht nerveus nonchalant verderfladderen.

Terwijl ik zelf ook begin te smullen om iets van mijn vruchten te hebben komen ze regelmatig alleen, per 2 of 3 weinig gegeneerd pogingen doen om hun buit op te halen. Even klappen of roepen, en ze zijn pijlsnel verdwenen. Maar ik weet dat de strijd al verloren is. Ik kan onmogelijk van zonsopgang tot zonsondergang onder de boom blijven applaudisseren. Ik hoor het: ze lachen me al uit. Als ik 30 seconden weg ben zijn ze weer terug, speurend naar de songs op de nieuwste CD.

Smeerlappen zijn het. Daarom zal ik geen vegetariër worden.

Het wordt hoog tijd dat een of andere bio-ingenieur eens een vliegende kat ontwerpt.