Categorie archief: Zelfvoorziening

Aardappelen rooien

Vandaag wat aardappelen gerooid. Ondanks flink protest van de vereniging der onderste ruggenwervels, bij tijd en wijle luidruchtig ondersteund door een verrekte rechterschouder. In iedere onderarm een wespensteek, omdat ik gisteren bij de courgetteoogst te laat doorhad dat die gestreepte smeerlappen de droogte onder de grote dekbladeren geschikt vonden voor nestenbouw. En er was neerslag, maar die was maar af en toe de benaming regen waard. Eigenlijk waren er dus voldoende legitieme redenen om het uit te stellen.

Eerst het perceel met grotendeels afgestorven loof nog even gewied. Kwestie van zoveel mogelijk ongewenste (on)kruiden te verwijderen in plaats van ze om te woelen en te verspreiden.
Al bij de eerste struik op de hoek van de beplanting was het duidelijk: de concurrentie was hevig. Woelmuizen hadden niet gewacht tot de oogsttijd, maar zich gedurende het hele groeiseizoen uitgebreid tegoed gedaan aan Charlotte en Nicolla.

Zonder enig overleg hebben ze zich stiekem knagend een weg gebaand door mijn toekomstige wintervoorraad. Dat ze er wat van eten, oke. Maar het aandeel dat ze zich toe-eigenen en de diensten die ze daarvoor leveren staan in geen enkele verhouding tot de arbeid die ikzelf heb ingebracht. Van sommige knollen die aardappel geweest waren bleef enkel nog een millimeter dunne schil over. Blijkbaar hebben ze een voorkeur voor de grote exemplaren.

Dus weer of geen weer, zo meteen rooi ik de hele boel. Geen krieltje laat ik in de omgewoelde grond zitten. Waarschijnlijk zal de enige dahlia die daar staat er de dupe van worden. Ik heb in het voorjaar geprobeerd die woelmuizen met mollenvallen te vangen. Maar daar trappen ze dus niet in. Ik zal wat anders moeten verzinnen.

De zwarte elzen die wat verder nog steeds spontaan uitschieten getuigen dat de omgeving waterrijk was. Maar ondanks de regen van de laatste weken is de grond – geloof het of niet- na 6 a 9 cm kurkdroog.

Die oude aardappelmand blijft ideaal. Als ze half vol is kan je er eens flink mee schudden om alle aarde van de knollen door de draadkorf weg te zeven.
Ik weet nog niet precies wat ik nu die seizoen eigenlijk gekweekt heb. Maar de vraag lijkt terecht: aardappelen of woelmuizen?

Kippenservies

Ganzen zijn dommer dan kippen. En die zijn ook al niet altijd slim. Ze vinden het helemaal niet erg als je hun eten gewoon op de grond strooit. Ze scharrelen hun kostje graag bij elkaar.  Zelf eet ik liever uit een proper bord. En voor mijn pluimvee gebruik ik ook bakjes, schalen, kommen…

In het voorjaar (april en mei) beginnen veel bewaarappels te rotten. Ik heb er altijd veel te veel, dus de bruin kleurende verhuizen naar de kippen of ganzen. (De rottende delen vinden ze blijkbaar nog het lekkerst!) Om ze een beetje grondvrij te houden doe ik ze in een bak. De kippen pikken en scharrelen ze er uit, dus mijn manier van opdienen heeft weinig effect. De ganzen lopen de bak om, schudden en scheuren de appels stuk over ettelijke meters. Ik moet zelf wel niet mee-eten, maar ik houd het toch graag proper.

En eindelijk, na 40 jaar, valt me een praktische en gemakkelijke oplossing in. Ik prik een aantal (gehalveerde) appels op een stalen spies en plant die in de grond. Het meeste wordt nu netjes opgegeten. De stukken blijven proper en kunnen niet weggescharreld worden. Minder afval, en het ziet er strak uit.

De overige eetbakjes zijn klein. Om ongenode gasten (als ratten en muizen) te vermijden geef ik nooit meer voer dan ze meteen opeten. De bakjes zijn zwaar genoeg zodat ze niet worden omgelopen. Een oude soepkom, of een botervlootje in beton. De jonge gansjes zijn tevreden met een oud gietijzeren pannetje waarvan de steel was afgebroken

Het water voor de kippen staat of hangt altijd op minstens 10 cm van de grond, zodat ze er geen knoeiboel van maken door er omheen te gaan scharrelen. De ganzen krijgen als ze groter worden een steeds hogere emmer. De kippen een klein opgehangen emmertje. En in hun villa een portofles. Die heb ik graag voor hen leeggemaakt. Meer tips i.v.m. dieren voeren vind je hier.

Houtkachel gevaarlijk?

De overheid stelt houtkachels en haarden in een slecht daglicht: te vervuilend, veel fijn stof en gevaarlijke uitstoot. Ik verwarm mijn stulpje al jaren met een houtkachel. En vind het nogal hypocriet dat ik hierop wordt aangesproken. De bedenkingen kloppen wel, maar de oplossingen (een verbod) niet.

Er zijn nog weinig huizen die (uitsluitend) met een houtkachel verwarmd worden. Niemand weet hoeveel. Daarentegen is er voor iedere woning meer dan 1 vervuilende auto. Een verbod op auto’s (en vrachtwagens) zou veel meer effect hebben. Maar dat raakt iedereen, en de staatsinkomsten. Dus daarvoor is er geen ‘draagvlak’.

En om dezelfde reden mag er nog gerookt worden.

In Langerlo wordt een steenkoolcentrale omgebouwd om houtige biomassa te importeren en hier te verbranden. Het gaat hier niet over een kruiwagen hout he. Maar over scheepsladingen vol: 1,8 miljoen ton/jaar.

Maar daar noemen politici het CO2 neutraal, en hernieuwbare energie. En dus voorzien ze 2,25 miljard subsidie om de ketel 10 jaar lang continu te laten stoken. Kom me dan niet vertellen dat ik mijn kachel ruim 10 km verder moet uitlaten he? Alleen al het transport van de pellets veroorzaakt 1/10 van de uitstoot van een kolencentrale.

Waarom geen betere oplossingen belonen? Voor ‘groenere’ auto’s zijn er toch ook premies?  Neem het Franse systeem van Flamme Verte (groene vlam) over. Het bestaat al sinds 2000. Net zoals elektrische apparaten hier een energielabel (A,B…) krijgen, geeft Flamme Verte een eco- en rendementslabel (met sterren, zoals voor hotels) voor houtkachels en ketels met een veel hoger rendement (>70%), minder CO productie en minder fijn stof. Hierdoor is op 10 jaar tijd het rendement met  30% gestegen, en zijn verontreinigende stoffen en fijn stof in de rookgassen zeer sterk gedaald. De CO limiet daalde van 1 naar 0,3%.

Gecertificeerde kachels zijn hier ook al wel te vinden, maar helaas enkel mooie designstukken, terwijl ik liever een robuust en praktisch model zie waar je ook op kan koken. Eventueel met oven, rookkast en boiler.

 

Topdown vuur

Maar ook de manier waarop je stook maakt veel verschil. Klassiek begin je met aanmaak materiaal, en daarop telkens grotere stukken en blokken. Fout blijkbaar!

Je verbrandt namelijk niet echt hout. Je verhit en vergast het. En die ontsnappende gassen worden verbrand en zorgen voor vlammen en warmte. Door de klassieke botten-up verbranding worden gassen en partikeltjes uit het bovenliggende hout gedreven en door de schoorsteen gejaagd.  Met een behoorlijke vervuiling en onvolledige verbranding tot gevolg.

Bij de omgekeerde werkwijze leg je eerst grote, daarop kleinere blokken, en dan het aanmaakmateriaal. Door de hitte van het vuur worden de gassen ook uit het onderliggende hout gedreven.  Maar een groot deel daarvan wordt in en boven het bovenliggende vuur verbrand. (Tenminste als je voor voldoende zuurstoftoevoer zorgt.) Door die naverbranding krijg je een aanzienlijk hoger rendement:  meer hitte en minder uitstoot. Ik merkt het vb.  ook heel erg aan de kachelruit die ik veel minder moet schoonmaken.

Dus regering, kom me niet af met een verbod of een campagne om mij roetzwart te maken, zolang Langerlo wordt gesubsidieerd. Zorg liever, met een fractie van die miljarden, –net als bij koning auto- voor goede informatie en verbeteringen.